Goedkope vergeving

prikkeldraadIn een folder van een centrum voor bezinning, bezieling en beweging las ik een aankondiging van een cursus over ‘de bevrijding van vergeving’. De cursus duurt nog geen twee dagen. De tekst zegt: ‘Vergeving gaat over jezelf en niet over de ander. Je kunt jezelf bevrijden. Vergeven is een innerlijk proces uit liefde voor jezelf, waarbij je de ander niet nodig hebt. Wil je niet langer rond blijven lopen met pijn, verdriet en woede? Vergeving is het mooiste geschenk dat je jezelf kunt geven.’

Ik ben verbijsterd. Vooral de zin ‘je hebt de ander niet nodig’ treft me. Mijn verbazing berust niet alleen op mijn christelijke achtergrond. Ook zonder die achtergrond roept deze zin een zekere walging op. Je hebt een ander diep gekwetst, maar je gaat jezelf vergeven dat je dat gedaan hebt en zegt tot de gekwetste partij: ‘Je kunt ophoepelen, ik heb je niet nodig’. In feite bevestig je de oorspronkelijke kwetsuur. Of je bent zelf de verwonde partij, maar je hebt degene die jou beschadigd heeft niet nodig om een gelukkig mens te worden.

Het gaat louter om jezelf. Het lijkt mij onmogelijk dat een ‘louter jezelf’ kan bestaan. We leven altijd in verbondenheid en gebondenheid met anderen. Wij worden deze of die mens doordat wij in relatie staan met onze ouders, broers, zussen, collega’s vrienden, partner, vreemdelingen, en met door mensen opgebouwde instituties zoals de staat. Die verhoudingen hebben twee eigenschappen.

De eerste is dat zij gebaseerd zijn op nabootsing, navolging. Een kind begint te glimlachen omdat het steeds weer geconfronteerd wordt door de lachende gezichten van volwassenen en kinderen. Een kind doet anderen na, en dankzij de grote gave om te doen wat anderen voordoen, worden kinderen volwassen mensen, mede-erfgenamen en bouwers van een cultuur. Ze leren een taal- een taal waarbij je de ander niet nodig hebt bestaat niet.

De tweede eigenschap is dat deze verhoudingen tegelijk aangeven wat rechtvaardig is. De verhouding met je ouders, je kinderen, vrienden en vreemden is niet alleen leerzaam, zij geeft ook aan waar je recht op hebt en aan wie jij recht moet doen. Omdat je ouders je het leven hebben gegeven en je hebben opgevoed hebben zij er recht op dat jij zorg voor hen hebt wanneer zij niet meer zelfstandig verder kunnen. De verhoudingen moeten in evenwicht zijn, willen ze rechtvaardig zijn.
Ieder mens houdt een ethische boekhouding bij. Wanneer een collega mij iets geeft, probeer ik hem na te volgen en geef ik iets van gelijke waarde of iets van een beetje hogere waarde terug. Mij kan alleen diegene vergeving schenken en mij bevrijden van mijn schuld, die ik tekort heb gedaan.

neem-uw-verleden-opAls ik de ander onrecht doe, zal zijn reactie zijn mij na te volgen en mij kwaad te doen. Daarop zal ik reageren en, hem navolgend, hem betaald zetten wat hij mij heeft aangedaan. En zo raken we in een uitzichtloze chaos. Deze is alleen op te lossen door vergeving. Ik houd ermee op de ander met gelijke munt terug te betalen, maar gun hem de vrijheid en daarmee toekomst. Dit is een scheppend gebeuren; daarom wekt het geen verbazing dat dit in verband is gebracht met God.

Over vergeving heb ik uitgebreid geschreven in mijn boek ‘Neem uw verleden op’ (Baarn 1999). Ik kan niet leven, vergeven en vergeven worden zonder anderen. Hoe kun je liefhebben hebben zonder eerst dit geleerd te hebben en overgenomen van de ‘ander’? De cursus ‘De bevrijding van vergeving’ zal mensen best een goed gevoel geven, een gevoel van harmonie met zichzelf. Een gevoel van harmonie is nog geen daadwerkelijke harmonie. De leider van de cursus zal goede bedoelingen hebben. Maar de gedachte dat je de ander niet nodig hebt, en dat je jezelf kunt vergeven is goedkoop.

9 Comments

Opgeslagen onder Vieringen en sacramenten

9 Responses to Goedkope vergeving

  1. Th.M. van Remagen

    Enige tijd terug las ik in de biografie van de “Holocaust” overlevende Abel Herzberg : “Een wijze ging voorbij” van Arie Kuiper, dat Abel Herzberg in 1960 voor de Volkskrant gevraagd werd om tijdens het Eichmann proces in Jeruzalem aanwezig te zijn als verslaggever. De joodse filosofe Hannah Arendt was daar eveneens als verslaggever aanwezig voor de New York Times.

    Eichmann had tijdens het proces veel weg van een saai kantoorklerkje, waarvan het haast onvoorstelbaar was, dat deze mens als de organisator van de “Holocaust” 4 miljoen Joden op zijn conto had geschreven . Dat was tenminste de indruk die beide verslaggevers hadden.

    Het bovenstaande wordt dan ook onmiddelijk tot uitdrukking gebracht in de titel van het boek “De banaliteit van het kwaad” geschreven door Hannah Arendt n.a.v. dit proces.

    De reactie van Abel Herzerg kwam er op neer dat hij graag gezien had, dat Eichmann zich voor een Duitse rechtbank had moeten verantwoorden.

    Dit is daarom zo interessant, omdat begin jaren 60 een relatief hoog percentage rechters in Duitsland nog als rechter hadden gefunctioneerd ten tijde van Nazi-Duitsland. Het vergeven van jezelf (de rechters als medeplichtigen) in de persoon van Eichmann zou dan natuurlijk veel stof hebben doen opwaaien, als Eichmann er bijv. met een paar jaar gevangenisstraf zou zijn afgekomen. In ieder geval functioneerden vele nazi rechters enkele jaren na de 2 de W.O. gewoon weer als rechter in het na-oorlogse Duitsland.

    In het weer in herdruk genomen boek ( 1994) “Het loon van de schuld” van Ian Buruma wordt een vergelijking gemaakt tussen Duitsland en Japan v.w.b. de verwerking van het verlies van de 2 de wereldoorlog. Hierin wordt dan met name uitvoerig ingegaan op het verschil tussen schuld- en schaamtecultuur ofwel de cultuur van Duitsland en Japan en de rol van het Christendom hierin in Duitsland.

    Niet voor niets staat er in het Onze vader: ” en vergeef ons onze schuld zoals wij ook aan andere hun schuld vergeven”. In ieder geval konden de Duitsers na de 2 de wereldoorlog de nederlaag niet meer de schoenen schuiven van de Joden, zoals dat wel gebeurde na de nederlaag in 1918 ( 1- ste W.O.)

    De uitvinders van het geweten de Joden (volgens Hitler) waren er niet meer. De Duitsers moesten dus wel de strijd aanbinden met hun innerlijke demon.

    Schaamte is natuurlijk van een geheel andere orde. Stel je voor dat er in het “Onze Vader” zou hebben gestaan en vergeef ons onze schaamte zoals wij ook aan andere hun schaamte vergeven. M.a.w. schuld kun je m.b.v. Christus vergeven en zo in het reine komen met je eigen geweten, dit i.t.t. schaamte. Je schamen over je slechte geweten is namelijk geen optie ! Dat Japanners geen geweten zouden hebben lijkt mij echter moeilijk voorstelbaar !

  2. Piet Agernent

    Moet de conclusie niet zijn dat we voor vergeving ons slachtoffer of onze boosdoener in beginsel NOOIT nodig hebben (doch meestal wel een intelligente bemiddelaar kunnen gebruiken, zoals in Joh. 8,1-11), maar voor verzoening WÉL aangewezen zijn op de houding en reactie van het slachtoffer c.q. de pijniger (en meestal ook een bemiddelaar)?

    Het boek ‘Neem uw verleden op’ van André Lascaris bevestigt op veel punten mijn eigen kijk op vergeving. (Dus dank dat U mijn aandacht erop hebt gevestigd.) Toch vind ik er geen sluitend antwoord op de vraag waarom je voor vergeving in de beste gevallen altijd een ander nodig hebt. (dader, slachtoffer of middelaar) Je kunt je leven immers ook zo inrichten dat je als dader je slachtoffer nooit tegenkomt, noch de gevolgen van je slechte daden onder ogen hoeft te krijgen, en als slachtoffer nooit je boosdoener ontmoet of ziet, noch dat anderen, de omstandigheden, je geweten of je gevoelen je aan hem/haar zullen herinneren.

    Willem Glaudemans offreert, als ik het goed zie, in zijn ‘Boek over vergeving’ (2011) louter een remedie voor slachtoffers. Hij/zij wordt mentaal gesterkt, en de ander, de dader wordt onzichtbaar gehouden. Maar hij/zij is er wel, die ander die er prominent bij betrokken was toen er geestelijke en of materiële schade werd veroorzaakt.

    Colin C. Tipping (een Britse hypnotherapeut) gaat in zijn bestseller ‘Je kunt ook jezelf vergeven’ (een vervolg op zijn andere bestseller ‘Radicaal vergeven’, beide uit 2009) dan ook nog een stap verder, omdat hij een moordenares (theoretisch althans) zichzelf definitief laat bevrijden van haar schuldgevoelens. Er zitten natuurlijk ook altijd cognitieve aspecten aan dat jezelf bevrijden van (in onze ogen toch) terechte schuldgevoelens, wat er dan op neer lijkt te komen dat men zijn daden met zijn/haar denkvermogen relativeert, zichzelf min of meer vrijpleit of een oordeel eenvoudig uit de weg blijft gaan. Het lijkt me een mogelijkheid, maar is het ook leefbaar c.q. ethisch en psychologisch houdbaar, juist en goed?

    Waarom is er bovendien zo weinig aandacht voor vergeving/verzoening door daders, schadeveroorzakers; ook zij moeten immers zien klaar te komen met hun schuld en straf, en ook zij zullen, als hun straf erop zit, verder moeten kunnen met leven (waar en hoe?) en de mensen die zij direct of indirect beschadigd hebben. (Ik denk o.a. aan ouders die hun kinderen misbruikten, en of die geen poot uitstaken toen hun kinderen seksueel misbruik meldden; of ouders die scheidden en door hun onwetende c.q. graag onwetend blijvende kinderen ten onrechte alle schuld krijgen toebedeeld, en als zondebok worden behandeld etc.) Van een bemiddelaarsrol voor een pastor, therapeut en geloofsgemeenschap kan hier vrijwel nooit sprake zijn omdat steeds meer mensen, m.n. de geestelijk beschadigde mensen, niets van doen willen hebben met de kerk of de g.g.z.! En wat te denken van de situatie waarin iedereen uit iemands leefmilieu gedwongen wordt om mee te gaan in de valse overtuiging van een dader dat er niets gebeurd is? Van een ont-moeting – dit is immers een samenzijn in openheid en vrijheid – kan dan toch nooit meer sprake zijn?! Hoe daar dan mee om te gaan als buitenstaander, als familie, collega of gebuur enz.? Hebben juist daders vaak niet een ander nodig die hen geestelijk/mentaal weer op het goede pad te zetten? Of hebben zij in principe ook genoeg aan zichzelf, hun zelfreinigend vermogen, of een 12 of meer stappenplan zoals Jean Monbourquette die in zijn boek ‘Hoe vergeven?’ (Averbode 2001) die aanreikt voor slachtoffers? Graag zag ik dat iemand haar of zijn licht hier eens over liet schijnen. Bij voorbaat hartelijk dank.

  3. Dank voor alle reacties, Zie behalve mijn boek ook – korter dan mijn boek – mijn artikel in Tijdschrift voor Theologie 39(1999)48-68 ‘kan God vergeven als het slachtoffer niet vergeeft?’
    ik ben het eens met Remagen.Jezus doorbreekt de vicieuze cirkel van de wraak De priester in de biechtstoel – hier is veel mis gegaan. [Levinas was cverigens een jood] De biecht was een Ierse ‘uitvinding’ . Ik denk dat het niet aangaat te biechten en je slachtoffer te verwaarlozen. De biecht is een viering van Gods vergeving – ons kwaad is niet het belangrijkste. De priester zal je ook terugverwijzen naar je slachtoffer. Weigert die te vergeven, dan zal hier een negatieve relatie blijven. maar door de biecht en het feit dat anderen je blijven accepteren, kun je toch verder met het leven. Jezelf accepteren is een betere uitdrukking dan jezelf vergeven. André Lascaris

  4. Th.M.van Remagen

    Naast het “Onze Vader” waar vergeving een centrale rol speelt, is voor mij ook de uitspraak: “Vader vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen” (Lucas 23:34) van cruciale betekenis, omdat hier geraakt wordt aan de openbaring namelijk dat wat sinds het begin der tijden eigenlijk altijd verborgen is gebleven d.w.z. dat niet alleen de moord van Kain (de stedebouwer) op Abel ten grondslag ligt aan de Joods Christelijke humanistische cultuur, maar dat de in beginsel vicieuze cirkel van de wraak aan iedere cultuur ten grond ligt.

    De betekenis van Jesus kruisdood wordt ook wel uitgelegd, dat hiermee de wereld met zichzelf verzoend werd ofwel dat wij van origine zondige mensen iedere keer opnieuw in het reine kunnen komen met ons geweten als deze ons parten gaat spelen , door in een persoonlijk gebed tot de schepper om vergeving te vragen.

    Dat er volgens de emiritus paus Joseph Ratzinger tot op de dag van vandaag nog steeds zoveel zelfhaat is, heeft natuurlijk alles te maken met het al dan niet hebben van het voorrecht te kunnen bidden tot de God van Abraham, Isaak en Jacob om vergeving en dat geldt natuurlijk ook voor de moordenaar.

    Illustratief is wederom Lucas 23:39-43
    Een der gehangen misdadigers lasterde: “Zijt gij niet de Christus? Red u zelf en ons” ! Waarop de andere misdadiger reageerde in de trant van : “Wij ontvangen vergelding, naar wat wij gedaan hebben, maar deze heeft niets onbehoorlijks gedaan”. Waarop de reactie van Jezus: “Voorwaar Ik zeg u, heden zult gij met Mij in het paradijs zijn”.

    De zionist en holocaust overlevende Abel Herzberg is wat dat betreft veel duidelijker dan de joodse filosoof Levinas door nog eens extra te benadrukken dat de typische Joodse zienwijze er een van de praktijk is, wat o.a. uit zijn boodschap: “Niet kunnen vergeven leidt tot onvrijheid” en laat deze tyische joodse boodschap nou toevallig ook de kern zijn van de blijde boodschap !

    Iemand die dus tot een levenslange gevangenisstraf is veroordeeld is dus niet per definitie onvrij !

  5. Piet Agernent

    Misverstanden zijn sneller gewekt dan opgelost. Aan nauwkeurigheid in spreken en schrijven ontbreekt het ons allemaal vaak, juist omdat we ingewikkelde zaken niet steeds goed helder kunnen krijgen, of omdat we veronderstellen dat alle lezers, toehoorders dezelfde kennis en vanzelfsprekendheden koesteren als wijzelf.

    Om de zaak wat op scherp te stellen zou ik Levinas willen tegenwerpen: als alleen het slachtoffer kan vergeven, wat doet de priester dan nog in de biechtstoel, waar hij namens Christus, God aan daders vergeving aanzegt zonder de slachtoffers er wezenlijk bij te betrekken? En, er wordt ook wel gezegd dat daders zichzelf moeten vergeven wat ze gedaan hebben, teneinde na hun gevangenisstraf los te komen van hun schuldgevoelens en weer te kunnen liefhebben. Moeten we het woord vergeving hier dan ook niet schrappen als slachtoffers alleen kunnen vergeven?

    Wordt denken en spreken over vergeving niet eveneens sterk bemoeilijkt doordat daders ook slachtoffers kunnen zijn, en slachtoffers gemakkelijk daders worden bijv. als er weinig of geen mogelijkheid was tot vergelding/wraak, of als daders berouw tonen en of toenadering zoeken?

    Vandaag (09 aug. ’13) doet mgr.dr. Gerard de Korte in Trouw (artikel:”Wat moet je als de ziel beschadigd is?”) t.a.v. vergeving ook zo’n gemakkelijk tot misverstanden aanleiding gevende uitspraak. De interviewer noteert al parafraserend: ‘Er bestaat een verschil tussen verzoening en vergeving. Verzoening is wederkerig, vergeving kan eenzijdig zijn. (Volgens De Korte kan het dus wél! p.a.) Jezus vraagt dat wij elkaar van harte vergeving schenken. Overwin het kwade door de ander vergevend tegemoet te treden.’ Pardon, elkaar? Is het kwade dan niet begaan door iemand? Wordt van dader en slachtoffer geen volstrekt andere mentale houding gevraagd als het om vergeving in de zin van verzoening gaat? Waarom noemen we de act van beide dan hetzelfde: een vergevende houding? Het woordje ‘elkaar’ is hier m.i. duidelijk ook niet op zijn plaats, maar hoe vaak gebruiken we het niet zo? Dan vragen we toch om misverstanden? En wat erger is, dat iemand die kwaad heeft berokkend nauwelijks weet hoe hij of zij zich dient te gedragen, en zelfs rechten claimt die hij/zij eigenlijk definitief of voor lange tijd verloren heeft? (Ik denk aan die badmeester in Eindhoven die na zijn gevangenisstraf voor pedofiel handelen gewoon weer in de wijk van zijn slachtoffers meende te kunnen gaan wonen en werken.)

    Mgr. de Korte komt in genoemd interview in Trouw met nog een paar behartenswaardige overwegingen. Ik wil er hier eentje citeren, alweer uit de parafrase die interviewer Eildert Mulder ervan gaf. ‘Als mensen niet kunnen reflecteren over hun gevoel, is verzoening onmogelijk. (vergeving ook? p.a.) Emoties blijven dan overheersen. Het heeft niet alleen met karakter te maken, maar vaak ook met intelligentie.’ Ik zou eraan willen toevoegen dat wellicht vergeving (in de zin van verzoening of normalisering van verhoudingen) alleen mogelijk is wanneer aan beide zijden voldoende emotionele vrijheid, zelfkennis en empathie bestaat. Ik vermoed dat hiervan minder sprake zal kunnen zijn naarmate mensen aan religie, en met name aan gebed uit onwetendheid en of weerzin steeds minder boodschap hebben. De volgende vraag is dan: hoe keer je die ontwikkeling? Zou de ambtskerk ook niet duidelijker moeten zijn in haar spreken over vergeving?

  6. Ik heb de indruk dat de schrijvers dader en slachtoffer soms met elkaar verwarren, dat zij dader schijven als ze slachtoffer bedoelen, slachtoffer zeggen terwijl zij dader bedoelen. Mijn uitgangspunt is de stelling van de joods Franse filosoof E. Levinas dat alleen het slachtoffer kan vergeven. Een stelling om bij stil te staan. André Lascaris.

  7. P. Agernent

    Veelal wordt alleen vanuit de positie van het slachtoffer (het IK) gekeken, en niet vanuit de realiteit van het WIJ, c.q. vanuit het feit dat er altijd sprake is van een relatie – hoe gering ook – tussen mensen. Men is fysiek en of psychisch beschadigd; men wil vervolgens de veroorzaker(s) van die schade definitief afschrijven, menend dat koestering van wraakgevoelens volstrekt geen kwaad kan. Als dat laatste niet waar blijkt, en men zijn pijniger a.h.w. steeds op zijn rug met zich blijft meedragen, wordt soms gezocht naar wegen om toch verder te kunnen zonder last te hebben van die beschadiging en ongewenste last. Het begrip vergeving komt dan traditioneel om de hoek kijken. ’n Moeilijkheid bij vergeving in relatie tot beschadiging van de intermenselijke verhoudingen is dat er niet alleen sprake is van verschillende posities – dader en slachtoffer – met verschillende verantwoordelijkheden of plichten, maar ook of men elkaar reëel dan wel virtueel nog kan/moet tegenkomen, en waarbij automatisch geappelleerd wordt aan het WIJ. Hoe kan men zich dus in al die situaties het best gedragen?

    Vergeving heeft in alle gevallen te maken met het weer openzetten van de bron van liefde in jezelf; met medewerking liefst van je pijniger dan wel slachtoffer, of op zijn minst zonder merkbare tegenwerking uit die hoek. Voor enige vorm van relatieherstel is dus tevens nodig dat de ander aandacht met aandacht, compassie met invoelingsvermogen, liefde met liefde beantwoordt (of niet tegenwerkt), zodat het wiel van bevestiging weer langzaam kan gaan draaien.

    Zichtbaar berouw, spijt, verbetering van gedrag, plus openheid naar de opponent spelen in dit helingsproces een belangrijke rol, evenals het afzien van wraak, rancune en cynisme bij slachtoffers. Laat je zelf, en laat de ander toe dat wij onze harten weer openstellen, en wij elkaar weer het licht in de ogen gunnen en voorzichtig weer beminnen op elementair niveau? Gun je de ander het leven, vrijheid en integriteit, of alleen jezelf? Dat geldt dus zowel voor daders als slachtoffers!

    Komt men door tussenkomst van de dood, verhuizing of wilsbeslissing zijn pijniger of slachtoffer nooit meer tegen, dan kan men natuurlijk alleen zichzelf vergeven d.w.z. zichzelf toestaan om (tekortschieten, schuldgevoelens, wraakgevoelens) los te laten en – bij wijze van spreken – de rem weer van zijn hart, van haar liefdesstroom te halen. Het gevaar dat men hier gemakkelijk, gevoelloos, zonder schuldbesef en zelfkennis, dan wel zicht op de noodzaak van relatieherstel over het veroorzaakte leed en daarmee ook de inherente zelfbeschadiging heenstapt, is heel reëel. Dat levert echter slechts zelfbevrediging en zelfgenoegzaamheid op: een illusie die tekort doet aan waar elk hart ten diepste naar verlangt: naar waarheid én bemind worden door de ander! Helaas zal dit laatste niet gemakkelijk opgemerkt worden zonder contrastervaring, confrontatie m.n. in een open en liefdevolle relatie met een medemens. Dus wat te doen als een der partijen onvermogend of onwillig is en illusies onbespreekbaar acht uit angst, trots etc.? Een mens die geremd wordt in de liefde, is dat namelijk nooit alleen maar tegenover één mens, maar al zijn/haar relaties lijden eronder. Neemt men de oorzaak daarvan niet weg, dan beïnvloedt die geremdheid vele relaties, en levenslang! Om weer waarlijk mens én gelukkig te kunnen worden, moet gewerkt worden aan opheffing van het fundamentele probleem: aan realistische zelfkennis, aan relatieherstel, effectieve vrede.

    Komt men zijn/haar pijniger of slachtoffer wél tegen, dan wordt de situatie moeilijk als deze persoon door onbegrip, vooroordelen, woede, pijn enz. in staat noch bereid blijkt tot enige toenadering, zich kwetsbaar opstellen, of simpel waarnemen van berouw, spijt, compassie, verbetering van leven enz. Het is de vraag wat daders dán te doen staat. Agressie en alle mogelijke vormen van geweld accepteren en uithouden? Hoe lang? Relatieherstel, vrede kan evenwel nooit een mechanisch proces zijn, of met geweld worden opgedrongen. Wederkerigheid in het goede is onontbeerlijk. Hoe pijnlijk moeilijk het kan zijn om gekwetstheid, trots en eer een beetje los te laten, is vaak te zien in het tv-programma ‘Het familiediner’. Een recht op vergeving is dus een absurditeit. Wie een recht op eeuwigdurende haat en wraak claimt doet bovendien zichzelf en zijn naasten tekort, omdat een versteend hart altijd geremd zal zijn in de liefde (het denken, spreken en handelen), juist ook tegenover geliefden, medemensen die dat niet verdienen!

    Wat vooral daders te doen staat in de diverse situaties zonder vast te lopen in zelfbegoocheling, zelfkwelling en blijvende geremdheid in liefde, aandacht en zorg voor en van anderen, dat zag ik graag eens voor velen toegankelijk opgeschreven. Dat, hoe én waarom sláchtoffers tot vergeving moeten komen voor hun bestwil, dat is al genoeg beschreven. Dat het altijd om een WIJ gaat – mensen in verschillende posities én relatie tot elkaar – en nooit louter kan gaan om een IK dat zich met recht wil wentelen in zelfvoldaanheid of zelfgenoegzaamheid, heeft André Lascaris heel zuiver aangevoeld. Vergeving los van dader en daad blijft altijd iets onbeholpens, onbevredigends, kunstmatigs hebben, omdat relatieherstel / leven uitblijft, en de liefde ter plekke niet meer echt zal gaan stromen. Onze ziel komt daar te kort! Voor echte vrede en geluk hebben we de ander altijd nodig, waar we ook staan in een gepolariseerde situatie. Lascaris’ boek ‘Neem uw verleden op’ zal ik daarom zeker gaan bestuderen.

    M.vr.gr.

  8. Beste André,
    dank voor je mooie tekst. Ik vermoed dat hier inderdaad bedoeld wordt: “je bent zelf de verwonde partij, maar je hebt degene die jou beschadigd heeft niet nodig om een gelukkig mens te worden.”
    Maar is dat eigenlijk niet een mooie gedachte? Als dit niet zou (kunnen) kloppen, kun je dus nooit een gelukkig mensen worden, als de ander zijn/haar schuld niet erkent, jou niet om vergeving vraagt, etc. Maar het komt geregeld voor dat daders (van bv misbruik) overleden zijn, of elk contact afwijzen. Zouden hun slachtoffers per definitie niet meer gelukkig kunnen worden? Gelukkig wijst het leven anders uit. Niet alleen is er (psychologische) hulpverlening, maar juist ook geloof/spiritualiteit kunnen helpen. Wij zijn verbonden met de daders, maar niet aan hen overgeleverd. Juist een spiritueel perspectief tilt ons toch uit boven geconditioneerde patronen –zoals jij beschrijft. Denk ook aan het gebed van Franciscus, of de andere wang van Jezus. Of wat Jezus uitroept vanaf het kruis: vader, vergeef hen, want ze weten niet wat ze doen.
    En dit gezegd hebbende, zou het echt te ver gaan om dit ook over daderschap te zeggen? Wij hebben allemaal kleine of grotere fouten gemaakt, omdat we vast zaten in zelfzuchtige patronen. Zou het niet goed zijn om onszelf te vergeven? Als we toen wisten of waren wat we nu weten of zijn, hadden we onze fouten niet gemaakt.
    Vaak kunnen we onszelf haast niet vergeven. Dat is een groot probleem. Ik houd erg van deze opmerking van Henri Nouwen: “Een van de grootste uitdagingen van spiritueel leven is Gods vergeving aanvaarden.”
    “God is groter dan ons hart”.
    Met beste groet,
    Vincent

    Hieronder Franciscus, ik gebruik deze tekst zelf voor passage meditatie.

    “Heer, maak mij een instrument van uw vrede.
    Laat mij liefde brengen, daar waar haat is;
    vergeving, waar mensen elkaar pijn doen;
    geloof, daar waar twijfel is;
    hoop, waar wanhoop is;
    licht, waar duisternis is;

    vreugde, waar droefheid is.
    Goddelijke Meester, geef dat ik meer zoek:
    te troosten dan om zelf getroost te worden;
    begrip te tonen dan om zelf begrepen te worden;
    liefde te schenken dan om zelf liefde te ontvangen.
    Want als we geven ontvangen we;
    als we vergeving schenken
    ontvangen we vergeving;
    als we sterven
    worden we geboren tot eeuwig leven.”

  9. Natuurlijk betreft het vergeven een ander, alleen in hoeverre heb jij die ander daarbij werkelijk nodig? Het is vooral een innerlijk proces, waarbij jij ook jezelf vergeeft dat je tekort gedaan wordt. Zelfacceptatie, ook bij een tekort hetzij van je zelf, hetzij door een ander. Een moeilijk proces van de acceptatie van het tekort. Natuurlijk kun je niet in het wilde weg vergeven, maar het kunnen vergeven is vooral een houding, een gesteldheid! Het tekort van je zelf of dat van een ander is daarbij aanleiding. Wegcijferen dus.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.