Gelovigen moeten veeltaliger worden

Vele talen

Een jonge vrouw vertelde me onlangs dat ze naar het veertigjarig huwelijksfeest was geweest van haar schoonouders. Deze zijn behoudend katholiek, zodat ze meteen aan het begin van de eucharistieviering geconfronteerd werd met de tekst van het oude Latijnse Confiteor: ‘Ik belijd mijn schuld, mijn grote schuld, mijn allergrootste schuld’. De priester ging in dezelfde trant verder.

De vrouw, zelf gereformeerd opgevoed, voelde zich in toenemende mate niet op haar plaats. Meestal zijn het katholieken die zich bezwaard voelen door de nadruk op schuld, zonde en hel. Ze ging al verschillende jaren niet meer naar de kerk. Ze vond dat de verschillende christelijke en niet-christelijke groeperingen meer respect moesten hebben voor elkaar. Een van de redenen waarom ze hier heel stevig over was bleek te zijn dat ze bezig was een kind te adopteren, omdat ze zelf geen kinderen kon krijgen.

Aan het adopteren worden hoge eisen gesteld. Dit is mede omdat bijna al die kinderen ‘een rugzakje’ hebben, anders gezegd: het kind heeft problemen, fysieke of psychische of beide. Soms hebben ze ‘geen grond’, ontbreekt het basisvertrouwen in andere mensen, in zichzelf, in deze wereld, iets wat niet meer in te halen is.

Sommige landen die toestemming geven kinderen van hun land te laten adopteren, eisen dat deze kinderen opgevoed worden in de godsdienstige traditie die in dat land overheerst. Zo was voor deze jonge vrouw en haar man het adopteren van een kind uit de Filipijnen onmogelijk, omdat dit land eist dat het kind katholiek wordt opgevoed. Haar klacht dat er te weinig respect was voor het geloven van anderen kreeg hier een concrete context.

Mij schoot een kleine gebeurtenis te binnen. Ik was bij de installatie van een nieuwe presbyteriaanse studentenpastor in Dublin. Zij moest daarbij de geloofsbelijdenis bevestigen. Mijn vriend en gastheer boog zich naar mij toe en fluisterde mij toe: ‘Daarin staat dat de paus een hoer is’. We moesten beiden lachen: de idee dat deze sympathieke vrouw zoiets van harte bevestigde was om te lachen. De geloofsbelijdenis was een farce geworden.

Vorige week gaf José Casanova, hoogleraar sociologie aan de Georgetown universiteit (bij Washington) in De Nieuwe Liefde in Amsterdam een lezing over de vraag hoe samen te leven met leden van andere godsdiensten, en nog meer – met het gegeven dat men bij meer dan één godsdienst behoort.

De lezing is tamelijk ingewikkeld, omdat iedere deelnemer geplaatst wordt in de eigen context. Voorafgaand aan de lezing was er in de middag een ‘ontmoeting van experts’. Er waren ongeveer veertig zogenaamde experts, die naar aanleiding van opmerkingen van Casanova met hem en met elkaar in discussie gingen.

Casanova betoogde dat vooral wereldlijke overheden streefden naar meer eenheid in de kerk. Deze was dan gemakkelijker te hanteren en op die manier kon men ook beter greep houden op de staat en de samenleving.

Keizer Constantijn

Keizer Constantijn

De eerste die dit in de context van het christendom al beleidslijn ontwikkelde was keizer Constantijn, die in 325 het concilie van Nicea bijeenriep. Inhoudelijk ging de discussie over de plaats van Jezus ten opzichte van God: was Jezus wezenlijk hetzelfde als God (orthodox) of lager dan God (Ariaans)?

De ‘orthodoxen’ wonnen. Constantijn werd zeer bewonderd en toegejuicht, vooral ook door bisschop Eusebius in zijn Leven van Constantijn, die overigens een heiden bleef tot zijn sterfbed: hij liet zich toen dopen als een Ariaan. Tegenwoordig wordt hij als een politieke misdadiger gezien.

Door een geloofsbelijdenis te eisen werden gelovige mensen meer en meer vastgelegd. Dat was een proces van eeuwen. Velen eeuwen lang bleven mensen meer open voor anderen en hun geloofsovertuiging. Misschien moet men zeggen dat de protestante geloofsbelijdenissen ouder zijn dan de katholieke, en dat Polen veel langer een open christendom behield dan de andere Europese staten.

Het maken van het christelijk geloof tot een constitutie heeft weinig goeds gebracht. We moeten proberen weer op zoek te gaan naar een meer open houding wat geloven betreft en meer veeltalig worden dan wij tegenwoordig gewend zijn.

 

2 Comments

Opgeslagen onder Geloven vandaag

2 Responses to Gelovigen moeten veeltaliger worden

  1. Th.M. van Gameren

    Was Jezus hetzelfde als God of lager als God?

    “Gij zult zijn als God” : sprak de slang in het aards paradijs tegen Eva

    “Als” wil niet zeggen, dat je het dan ook werkelijk bent. Wat dat betreft heeft keizer Constantijn gewoon de heidense traditie van het romeinse rijk voortgezet, want de romeinse keizers gedroegen zich inderdaad allemaal alsof ze godenzonen waren.

    Dat is hoogst waarschijnlijk ook de reden, waarom Constantijn zijn doop heeft uitgesteld tot op zijn sterfbed. Zou hij dat niet hebben gedaan, zou hij blijk hebben gegeven de uitkomst van het concilie eigenlijk niet te hebben geaccepteerd.

  2. gerrit coppens

    Negen van de tien keer bid ik op de zondag de schuldbelijdenis mee als automatisme. Maar dat neemt niet weg dat je het een keer mis kunt hebben en dat je als mensen fouten maakt. Je moet niet door het leven gaan met de gedachte ‘ik ben een zondig mens’. Maar als je die tiende keer tijdens het bidden in de ‘spiegel’ kijkt en je realiseert jezelf dat je bepaalde dingen anders had kunnen doen of zeggen dan heeft het schuldbelijdenis nog steeds grote waarde

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.