God is persoonlijk, maar geen persoon

Anco (7) vroeg de universiteit van Groningen of God bestaat. Hij kreeg diverse antwoorden...

Anco (7) vroeg de universiteit van Groningen of God bestaat. Hij kreeg diverse antwoorden…

Een paar weken geleden vond in het dagblad Trouw weer een discussie plaats over de eeuwige vraag of God bestaat en over wie God is, als Hij bestaat.

De discussie werd deze keer onder woorden gebracht door Wilfred van de Poll. Ze is begonnen doordat een zevenjarig knaap, Anco, naar de universiteit van Groningen had geschreven met deze vraag: bestaat God en laat Hij merken dat hij bestaat?

De universiteit besloot dat deze vraag het beste beantwoord kon worden door een astronoom, een ster- en ruimte deskundige. Het antwoord van de sterrenkundige Barthel luidt dat God niet bestaat. Zekerheid heeft hij in deze niet, want je kunt noch bewijzen, noch uitsluiten dat God bestaat.
Verschillende voorstellingen van God blijken ongewenst te zijn, zoals de voorstelling dat God een oude man met een baard is of op een wolk resideert, of elders woont in een ruimteschip. En ook de voorstelling dat het leven na de dood eruit bestaat dat je met je met je billen op een natte wolk moet zitten met een harpje in de hand.

De sterrenkundige Barthel stelt dat geloven in een helpende en troostende God niets meer is dan een persoonlijk gevoel.

De theoloog van de Vrije Universiteit van Amsterdam Kees van der Kooi is het niet met de ’hemeldeskundige’ Barthel eens. ‘Niets meer?’, vraagt van der Kooi zich af. ‘Waar komt die beperkende kwalificatie vandaan? Dat is toch zeker niet gebaseerd op de wetenschap. Wat is de bron van een dergelijke bewering? En is het inderdaad zo dat de wetenschap over de feiten gaat en dat spiritualiteit daar betekenis aan toevoegt? Zijn we bouwers van betekenis of zijn we ontvangers van betekenis?’

Volgens Barthel is het doel van de wereld dat haar bewoners tot hun recht komen. ‘Wij zijn daarbij de handen van God’. Dit is, vindt ook Van der Kooi, een heel oude christelijke overtuiging. Het doel van God met de mens is, al volgens de middeleeuwse theologen, zijn geluk. En het allerhoogste geluk is de nabijheid van God, die hier en nu al begint. God is de bron van het goede en ware. Als we iets goeds willen doen voor bijvoorbeeld zevenjarige kinderen, heeft dit met God te maken.

Het verschil tussen Barthel en van der Kooi is dit zinnetje Wij zijn de handen van God. Niet: we zijn in de handen van God, maar we zijn zijn handen. Zonder onze handen gebeurt er niets aan goed.

Sterrenkundige Barthel weet iets over de hemel, maar geeft een aardser antwoord dan theoloog Van der Kooi.

Sterrenkundige Barthel weet iets over de hemel, maar geeft een aardser antwoord dan theoloog Van der Kooi.

Voor Barthel is God een immanente kracht of drijfveer in de geschiedenis van de kosmos. God is niet een ander of de Ander die we kunnen aanspreken en zelfs als eerste ons aanspreekt. Gebed is bij hem een innerlijke meditatie, geen dialoog. God is niet degene die ons zoekt en vindt, wij treffen een kracht aan in onszelf en die noemen we God.

Deze God staat ons niet bij, God is van ons afhankelijk wanneer we iets goeds willen bereiken op onze wereld. Er is een zekere afkeer van de gedachte dat wij afhankelijk zijn van God, of dat God kan handelen buiten ons om. Dat hij een Stem is die van buiten komt.

Van der Kooi wijst erop dat God kennelijk moeilijk heeft om het goede tot stand te brengen. Mensen kunnen de handen van God zijn, maar die handen werken vaak niet mee. Als God niets doet – en dat is wat Barthel denkt – zijn we helemaal afhankelijk van onszelf. Dat is geen blijde boodschap.

Waar sta ik zelf in dit debat? Ik ben geneigd om aan de kant van Kees van der Kooij te staan en God te zien al een tegenover, een vaak ons verrassend tegenover. Maar ik ga niet zo ver dat zoals de titel luidt van het artikel in Trouw: ‘God is een persoon die naar ons omziet’.

God is wel persoonlijk, maar geen ‘persoon’, want dat klinkt te zeer alsof God een individu is zoals mensen individuen zijn. God is daarin ook een tegenover. ‘Persoonlijk’ is het hoogste wat je van een mens kunt zeggen, en dat moeten we ook van God zeggen. Maar ’persoon’ is een woord dat te zeer benauwt.

1 reactie

Opgeslagen onder God

One Response to God is persoonlijk, maar geen persoon

  1. Nick Laarakkers

    Ik ben geneigd God te zien als de “Gans Andere”, in dat geval zou ik geneigd moeten zijn de god van Kees van der Kooij te omarmen, maar dat is niet zozeer de Gans Andere, maar eerder een god die trekjes vertoont van het (sombere) orthodoxe calvinisme: dus blijkbaar weer niet de Gans Andere, degene die tegenover ons staat, want van der Kooij’s God blijkt ook weer in een dogmatisch systeem te vatten en na te rekenen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.