God is liefde en wil dus delen, scheppen

'Wie wandelt voor uw ogen, zal niet bogen op eigen kracht. Leven wordt vruchtbaar en onweerstaanbaar: de vreugde in mensen'. Beeld: Willy Rams o.p. Tekst: Henk Jongerius o.p., naar Psalm 128.

God schept vanuit de liefde. Het doel van het scheppen is leven en liefde. Steeds opnieuw biedt God ons en onze wereld een nieuw begin aan. Ik heb al vaker geschreven dat vergeving, vooral onvoorwaardelijke vergeving, een nieuw begin betekent.

Vanuit de onvoorwaardelijke vergeving kunnen we mis­schien aanvoelen wat scheppen is. God blijft ons, wat er ook gebeurt in onze geschiedenis en onze natuur, een nieuwe toekomst aanbieden. God schept nieuwe verhoudingen. Hoe God actief is in onze werkelijkheid, kunnen we niet zeggen, want we zijn God niet.

We vertrouwen dat God handelt uit liefde. Daar moeten we nog bij zeggen dat de liefde, die wij kennen, altijd die van mensen is. Ik geloof dat de liefde die in de mens Jezus verschenen is de liefde van God laat zien. God verlokt ons. God dwingt niet, want dan gaat God in tegen de liefde die God is.

God kan niet anders

God roept ons in het bestaan vanuit de liefde. Het is niet zo dat God (uit verveling bijvoorbeeld) eens op een goede (of slechte) dag dacht: kom, ik ga eens wat scheppen. Dat is weer een denken waarin God gezien wordt als een macht die vrij is om te doen en te laten wat zij wil.

Omdat God liefde is, wil God altijd delen, scheppen. Dit blog schrijf ik uit een verlangen om te delen. Ik ben er niet afhankelijk van, maar al schrij­vende word ik een ander mens. Zo is het in zekere zin met God. God is niet God, omdat wij er zijn. Wij zijn er, omdat God wil delen. God kan niet anders dan dit willen, want God is liefde. We zijn de schepping van een God, die ons in haar kracht wil laten delen. We zijn eeuwig gewild. God is een kracht in ons en tegelijk een tegenover.

We worden gezien

Wat betekent het voor ons te leven in een wereld waarvan we zeggen dat deze geschapen wordt? Allereerst dat ieder van ons mag weten, dat zij of hij gewenst en aanvaard is. Ik mag er zijn, jij mag er zijn, wij mogen er zijn. We worden gezien.
Dit vertrouwen kan ons bevrijden van gevoelens niet gewenst of minderwaardig te zijn. Niet alles hoeft uit onszelf te komen. We staan opgewekt en rechtop in deze wereld. We mogen vertrouwen hebben in onszelf, in ons hart en ons ver­stand.

We beseffen dat we deel uitmaken van een geschiede­nis van onrecht en falen. Deze geschiedenis tekent ons, laat sporen in ons na. Maar als we falen, mogen we er nog steeds zijn. Als we kwetsbaar of gewond zijn, worden we door God niet naar de zijlijn gestuurd, maar juist dan staan we in het centrum van de schepping. In oorsprong, in beginsel, zijn we goed. In ons leven kunnen we op zoek gaan naar­ die oorsprong en proberen van daaruit ons leven te hernemen.

Broeder-kunstenaar Willy Rams o.p., klik op de afbeelding voor een verhaal over zijn scheppen.

Goed

‘Geschapen zijn’ betekent dat onze wereld in oor­sprong, in beginsel, goed is. De wetenschappen gaan er meestal van uit dat alles begonnen is met chaos. De wereld en de maat­schappij zijn dan wilde processen die we in bedwang moeten houden. Sociale wetenschap­pers zien massa’s mensen voor hun geestesoog, die als een­ watervloed door de straten stromen en alles op hun weg vernietigen. In de psycho­lo­gie wordt de individuele mens nogal eens gezien als een geheel van emoties en pas­sies. De mens moet dan onder controle gehouden worden.

Maar vanuit het ver­trou­wen in de schepping is het mogelijk wat opgewekter te denken over onszelf en onze toekomst. Zeker, er is onrecht en geweld in onze wereld; dat onrecht en geweld zitten in ieder individu. Maar in beginsel is alles ‘tof’, goed. Het gaat er niet zozeer om de maat­schappij en jezelf onder controle te houden. Geschapen zijn roept een andere levenshou­ding op: we kunnen onszelf en onze maat­schappij stimu­leren tot het doen van het goede.

1 reactie

Opgeslagen onder God

One Response to God is liefde en wil dus delen, scheppen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.