Missie of zending

Doop van de Frankische koning Clovis, omstreeks 500. Al zijn onderdanen werden daarmee ook officieel katholiek-christelijk.

Katholieken gebruiken het woord ’missie’ voor het doorgeven van hun geloof, protestanten hebben het over ‘zending’. De eerste ‘missieactie’ of zending begon toen er in het jaar 36 of 37 een vervolging uitbrak tegen de christenen in Jeruzalem. Zij vluchtten naar elders, maar hun vertrouwen op de God van Jezus was zo aanstekelijk dat velen zich bij deze vervolgden aansloten (Handelingen 8:1-4).

Daarna begonnen sommige christenen, zoals de pas bekeerde Paulus, naar steden te reizen in het Romeinse rijk die synagogen hadden. Daar predikten ze over Jezus en velen, vooral ‘proselieten’ (mensen die sympathiseerden met de joodse godsdienst), sloten zich bij hen aan. Deze missionarissen (‘apostelen’), vrouwen en mannen, voorzagen óf in hun eigen onderhoud (Paulus was bijvoorbeeld zeilmaker) óf lieten zich door christelijke gemeenschappen elders onderhouden.

Vernis

Nederland en vele andere landen in Europa zijn in de vroege middeleeuwen gekerstend, doordat missionarissen stamhoofden en vorsten voor het christendom wisten te winnen. Het christelijk geloof had aantrekkingskracht, omdat het mensen bevrijdde van hun angsten voor allerlei bovennatuurlijke machten.

Een resultaat van deze aanpak was dat het christendom vaak aan de onderdanen van de vorst opgedrongen werd. Het bleef dan een dun laagje vernis. De nieuwe christenen gingen taken in de kerk vervullen, maar lieten zich daarbij soms meer inspireren door hun heidense achtergrond dan door het evangelie.

Dit verklaart mede het gewelddadige karakter van het optreden van zovele christenen in de geschiedenis. Zij namen wel van het christendom over dat wetten geen absolute betekenis hebben, maar deze vrijheid werd niet gedragen door de liefde.

In de negentiende en twintigste eeuw is er meer gemissioneerd dan ooit tevoren. Deze missionering ging hand in hand met het kolonialisme. Meestal waren de missionarissen zich daar niet van bewust. Zij dachten vaak dat mensen die stierven zonder gedoopt te zijn, na de dood geen toekomst meer hadden. Dat gaf hun een sterke motivatie.

Werving

De kerk moet missioneren. Ieder treedt in beginsel individueel toe. Kinderen van christelijke ouders zijn niet automatisch christenen. De kerk kan dus niet bestaan zonder werving.

Dit kan niet gebeuren zoals je televisiereclame maakt. Hoe worden mensen nu christen? Het (gezamenlijk) lezen van de bijbel en het gaan naar vieringen kunnen ons open doen gaan voor de christelijke traditie. Doorgaans zal het echter de ontmoeting van de ene christen met de andere zijn, die een mens op de weg naar Jezus en zijn God zet.

Als leden van een sekte aan de deur komen of ons op straat aanspreken, voelen we ons meestal geïrriteerd. We voelen dezelfde irritatie wanneer we ongevraagd drukwerk ontvangen of wanneer iemand ons met alle geweld een product wil aansmeren. Maar er zijn situaties waarin iemand ons op authentieke wijze aanspreekt en uitdaagt, onze hulp inroept, ons wijst op onze verantwoordelijkheid, ons een terecht verwijt maakt, ons vergeeft en onvoorwaardelijk accepteert. Wanneer zo iemand blijkt zich te laten inspireren door de christelijke traditie, kan dat bij ons het verlangen wekken ook mede daaruit te leven. De naam ‘Jezus’ of het woord ‘God’ hoeft niet te vallen. Een verwijzing naar de kerk hoeft niet gemaakt te worden om toch, opeens als in een flits of na een langdurig proces, een andere wereld binnen te gaan, de wereld van het evangelie.

Christenen

Het gaat er mijns inziens niet om dat alle mensen in de wereld christen worden. Het lijkt mij goed erop te hopen dat er in iedere generatie christenen zijn op iedere plek waar mensen wonen. Zij kunnen de kracht van de onvoorwaardelijke vergeving, de kracht van de liefde, in de wereld vieren, overwegen en met anderen uitoefenen.

 

Schrijf een reactie

Opgeslagen onder Kerk

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.