Oecumene en dialoog

Paus Johannes Paulus II op 27 oktober 1986, temidden van religieuze wereldleiders in Assisi. De paus had hen bijeengeroepen om gezamenlijk voor de vrede te bidden. Voor een paus een ongekende stap.

Begin twintigste eeuw is een beweging opgekomen om de eenwording van alle christenen wereldwijd te bevorderen: de oecumenische beweging. ‘Oecumene’ is het Griekse woord voor de bewoonde wereld. Voorheen zagen christenen elkaar vaak als ‘ketters’: mensen die niet de juiste (of althans niet dezelfde) formuleringen van het geloof hebben.

De breuken in de  wereldwijde kerk zijn een drama geweest en hebben geleid tot wederzijds geweld. Nu zijn we positiever over het bestaan van de veelvoud van kerkelijke groepen. We kunnen het vertrouwen in Jezus en de werking van Gods Adem immers niet weergeven in één enkel getuigenis of praktijk. De waarheid over God en over de mensen is groter dan elke tijdgebonden poging haar uit te drukken. Bovendien zien we beter dan vroeger dat de verschillen in het denken over de inhoud van het geloof over het algemeen niet zo groot en belangrijk zijn.

De oecumene wil niet de rijkdom teniet doen van de verscheidenheid in traditie en gewoonte. Het gaat erom elkaar als christenen en als leden van één kerk te aanvaarden en te erkennen.

Deze aanvaarding groeit op vele plaatsen. Niet-katholieke christenen worden in plaatselijke katholieke gemeenschappen ontvangen als volwaardige leden. Katholieken nemen deel aan en gaan soms voor in niet-katholieke vieringen.

Op het niveau van de ontmoeting van de verschillende centrale besturen van de kerken gaat alles moeizamer. Dat is begrijpelijk, want beslissingen op dat niveau hebben een grotere reikwijdte dan beslissingen op plaatselijk vlak. Op dit ogenblik heeft op dat vlak de oecumenische beweging haar vaart zelfs verloren. Het gebrek aan openheid bij de centrale leiding van de katholieke kerk is daar minst mede debet aan.

Dialoog met de wereldgodsdiensten

West-Europese mensen komen steeds meer in contact met andere wereldgodsdiensten. Tot voor kort dachten bijna alle christenen dat iedereen zo gauw mogelijk christen gemaakt moest worden. Fundamentalistische christenen denken dat vaak nog.

De laatste jaren is men uit op een dialoog. Deze staat nog in de kinderschoenen. Het gesprek verloopt moeizaam. De waardering van elementen van andere godsdiensten hangt vaak af van de eigen visie op de werkelijkheid.

Het is niet zo dat alle godsdiensten op hetzelfde neerkomen. Geen enkele godsdienst is zelf onder één hoedje te vangen is. want elke religie steunt op verschillende basiservaringen. Die ervaringen worden zelf weer op diverse manieren geformuleerd.

Godsdiensten ontwikkelen zich. Christenen nu verschillen aanmerkelijk van de christenen van de eerste of de elfde eeuw. De christelijke tradities zijn veelkleurig. Dat geldt evenzeer van joden, moslims, hindoes, boeddhisten.

Doel van de dialoog is dat mensen met verschillende godsdiensten elkaar leren aanbieden wat zij in hun eigen godsdienst als waardevol ervaren. Christenen hebben Jezus aan te bieden, de kracht van de onvoorwaardelijke vergeving en de liefde, het zoeken naar wereldwijde verbondenheid.

In feite zien we dat individuele mensen elementen uit verschillende  godsdienstige tradities op een flexibele manier samenvoegen en zo zich verwant voelen aan meerdere godsdiensten

Toch zal men niet tot één wereldgodsdienst komen. Dit is zelfs niet wenselijk, want al die verschillende basiservaringen kun je niet in één samenhangend geheel samenbrengen. Het bestaan van maar één wereldreligie zou gevaarlijk kunnen zijn; ze zou totalitair kunnen worden en misbruikt als een machtsinstrument.

Misschien is het mogelijk sommige basiservaringen van een andere godsdienst over te nemen en te aanvaarden als deel van de eigen godsdienst. Dit geldt ook voor de zogenaamde ‘nieuwe religies’ die nu opkomen. Ze zijn vaak een vermenging van Aziatische en Europese elementen.

 

Schrijf een reactie

Opgeslagen onder Kerk

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.