Geloven in God blijft een beslissing

Je kunt van voetbal een god maken. Maar dan? (Beeld uit de documentaire 'Voebal is God' van de Deense regisseur Ole Bendzen).

Je kunt van voetbal een god maken. Maar dan? (Beeld uit de documentaire ‘Voebal is God’ van de Deense regisseur Ole Bendzen).

Je vertrouwen stellen op de ene God, vinden we alleen terug in de zogenaamde Abrahamitische godsdiensten: Jodendom, christendom, Islam. Het Boeddhisme heeft geen geloof in God. De Hindoes hebben vele figuren om te vereren, maar deze zijn slechts voorstellingen van de ene goddelijke werkelijkheid.

De meeste mensen die in God geloven, zijn daarmee opgegroeid. Voor hen heeft het godsgeloof iets vanzelfsprekends. Tegenwoordig is echter bijna niets meer vanzelfsprekend. Mensen verlaten niet alleen om verschillende redenen de kerk, maar geven vaak ook hun vertrouwen op God op. Soms blijft er nog iets van hangen, maar wordt de naam ‘God’ vervangen door zoiets als de ‘wereldziel’ (zie het blog van vorige week).

Mensen hebben vaak een spiritualiteit, maar geen godsdienst, geen religie, iets vooraf gegeven waarmee je in relatie staat. Hoe zijn mensen ooit gekomen tot het geloof in de ene God? Dit is een proces dat moeilijk te volgen is. Evenmin is het gemakkelijk het proces mee te maken wanneer iemand uit onze omgeving besluit zijn vertrouwen op God te stellen.

Er is wel iets over te zeggen. Een mens wordt geboren in een cultuur, in een systeem van verschillen, in een situatie die voor een mens chaotisch is. De wereld is een wirwar en een kind moet daarin zijn weg vinden. Hij moet kiezen om het ene te doen en het ander te laten. Hij moet een orde aanbrengen in de wirwar waarin hij geboren wordt.

Dieren hebben instincten en kunnen zich tamelijk snel redden. Maar een mensenkind dat eigenlijk geboren wordt wanneer het lichamelijk nog een embryo is, moet alles leren. Het is gelukkig niet alleen op aarde. Er zijn mensen om hem heen die al eerder orde hebben geschapen in hun leven en samenleven. Zij leren aan hun kinderen wat voor henzelf die orde is en proberen die door te geven aan hun kinderen als een leefregel. Het kind kan zich aanvankelijk niet weren tegen wat hem aangeboden wordt. Pas wanneer het ouder wordt en volwassen is het in staat een eigen ordening op te bouwen. Ook dan echter blijft een mens verbonden met en gebonden aan medemensen door bijvoorbeeld de taal. Sommige onderscheidingen liggen voor iedereen voor de hand: het verschil tussen ouders en kind, oudere en jongere kinderen, mannen en vrouwen.

Sterker door strijd. Slogan letterlijk gedragen door de 'harde kern' van Feyenoord-supporters.

Sterker door strijd. Slogan letterlijk gedragen door de ‘harde kern’ van Feyenoord-supporters.

We zoeken in ons chaotisch leven naar wat prioriteit heeft. Wat krijgt in bepaalde omstandigheden voorrang? Verdiende dat ook voorrang? Is het onze familie, ons land, deze ideologie? Het is mogelijk je hart te verpanden aan een voetbalclub. Al je vrije tijd, en voor zo ver mogelijk je arbeid, stel je ten dienste van de club. Het wel en wee van de club is voor jou belangrijker dan je huwelijk, je kinderen, je werk. Je agenda wordt beheerst door je clubliefde. Je hoopt begraven te mogen worden op het veld waar je club vele overwinningen en nederlagen heeft beleefd. De voetbalclub is je ‘god’. In dit geval zullen mensen vaak verschillende ‘goden’ hebben. Behalve de voetbalclub is bijvoorbeeld de gezondheid een godheid die je leven beheerst. Je leeft in een soort polytheïsme, een veelgodendom.

Maar is de voetbalclub wel een god? Er begint een discussie met jezelf en met anderen om de ware God te vinden. De – altijd voorlopige – uitkomst kan je brengen tot de ‘echte’ God. De wegen die leiden tot dit vertrouwen kunnen uiteen lopen. Zo vertelde een vrouw me eens dat ze uit een atheïstisch gezin kwam, en door de ontmoeting met een vriend die later haar man werd, op de weg gezet werd van het christelijk geloof. Vooral de ervaring zonder godsgeloof uiteindelijk in volledige eenzaamheid te moeten leven, overtuigde haar dat het beter was te geloven in een God die je in goede en slechte tijden draagt en je in alle omstandigheden trouw blijft.

Geloven in God is een beslissing. Ik heb het gevoel dat het beter is voor mijzelf te leven in een wereld die als het ware bewoond is,en waarin er de aanwezigheid is van degene die ik ‘God’ noem dan te leven in een onherbergzame wereld, waarin ik mezelf moet redden.

Schrijf een reactie

Opgeslagen onder God

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.