Jezus’ traditie van hoop

Op 7 april hield in de Vrije Universiteit aartsbisschop Mpho Desmond Tutu de Martin Luther King Jr. lezing. Zij vond ’s avonds plaats en ik kon er niet bij zijn. Maar de titel van de lezing trof mij: Passing on the tradition of Hope, ‘de traditie van hoop doorgeven’. Was dat juist niet waar Jezus voor stond?

quote-desmond-tutu

Wat we met zekerheid over Jezus weten, is uitermate weinig. In de negentiende en twintigste eeuw hebben sommigen geprobeerd een ‘biografie’, een Jezusverhaal, te schrijven. Maar telkens bleken die verhalen scheppingen te zijn van wie Jezus in de ogen van de schrijver moest zijn. Iedere schrijver en lezer schiep zijn of haar beeld van Jezus.

Een objectief verslag over Jezus bleek niet te kunnen bestaan. We beschikken slechts over verhalen, vooral verhalen over zijn rondtrekkend prediken. Toch zijn – waarschijnlijk – er enige feiten te melden. Deze discussies hebben ertoe bijgedragen dat er toch een overeenkomst is gegroeid tussen de geleerden over het optreden van Jezus.

We weten niet in wat voor soort gezin hij geboren is; of hij zelf een gezin heeft gesticht, wat hij deed voor zijn levensonderhoud. We weten niet hoe oud hij was bij zijn eerste optreden in het openbaar. Maar we weten wel dat hij en andere joden van Galilea in een uiterst moeilijke tijd leefden. Ze stonden onder druk van de Romeinse bezetter, onder die van lokale machthebbers zoals Herodes en zijn opvolgers en onder de druk van de priesters van de tempel die ook belasting oplegden en toch neerkeken op de kleine boertjes die ‘de wet niet kenden’.

Het is zeer wel mogelijk dat Jezus zijn preding begon in een jubeljaar, waarin alle schulden vergeven, kwijtgescholden, moesten worden, slaven weer hun vrijheid terugkregen en aangekocht land weer terugging naar de familie die oorspronkelijke de eigenaar was geweest. Jezus nam het Jubeljaar serieus en predikte een God die meer nog dan het jubeljaar grootmoedig was en onvoorwaardelijk schulden vergaf.

Jezus geloofde dat God actief de wereld wilde transformeren, zodat zijn wil zou geschieden en zijn koningschap over de wereld concrete werkelijkheid zou worden. Hij predikte zo de hoop dat de huidige ellende in de wereld niet het laatste woord had. Hij interpreteerde de Bijbel in deze zin. Deze hoop, deze verwachting, liet hem niet los.

Voor de machten die in samenleving en tempel de dienst wilde uitmaken was hij een bedreiging. Het is niet vreemd dat zij hem als een gevaar zagen voor de Romeinse macht, die van de lokale heersers en het voortbestaan van de tempel. De Romeinen namen geen risico en executeerden hem. Hij had mensen immers de hoop gegeven dat hun honger en armoede niet hun toekomst hoefde te zijn. Zijn leerlingen voelden, nu hij omgebracht was, de kracht van deze hoop in henzelf en zetten zijn prediking voort. Voor hen leefde Jezus en zij voelden zich bijgestaan door de kracht die deze dode tot een levende maakte.

martin-luther-king-quote

Deze hoop werd een traditie onder de mensen die zich christenen gingen noemen. Deze traditie van hoop moet nog steeds doorgegeven worden. Wanneer Tutu spreekt over de traditie van Martin Luther King, heeft hij het ook over de traditie van hoop die onder christenen leeft. Het is een verbijzondering van de christelijke boodschap. Het gaat hier niet om het doorgeven van leerstellingen, liturgische waarden, functies, een soort pakket dat je dicht houdt omdat het niet erg uitnodigt deze schat open te maken.

Het gaat hier om een traditie van beweging, bezieling en bezinning. Wat doorgegeven moet worden is de hoop dat het in de wereld anders kan. Die hoop bindt de brokstukken van de geschiedenis aan elkaar en geeft het leven richting en zin. Het doorgeven van de traditie van hoop is een dienst aan de wereld.

 

1 reactie

Opgeslagen onder Jezus, de Christus

One Response to Jezus’ traditie van hoop

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.